Via de Jura naar Zwitserland

Na de verpletterende overwinning van onze landgenoot Tom Dumoulin in de contre-la-montre van vrijdag, was het gisteren wederom Mark Cavendish die aan het langste eind trok in de massasprint. Drie machtige Duitsers (Kittel, Greipel en Degenkolb) werden voor de vierde keer deze Tour afgetroefd door de kleine Brit van The Isle of Man. Als hij de Alpen overleeft, is ‘Cav’ de grote favoriet voor de afsluitende parade op de Champs-Elysées, volgende week zondag.

Dumoulin en Cavendish

Na een lange, saaie zaterdag in de Tour, verheug ik me extra op de etappe van zondag. De Tourkaravaan koerst vandaag door de Jura, een bijzondere streek ten noordwesten van de Alpen die ik goed ken. De renners moeten de hele dag klimmen en dalen, zes cols in totaal maarliefst, waaronder de Grand Colombier van hors categorie. De finish is niet bergop; na de laatste col van 1e categorie, volgt er een spectaculaire afdaling van 14 kilometer naar het dorpje Culoz.

Etappe Bourg en Bresse naar Culoz

De bolletjestrui van het bergklassement hangt om de schouders van de Belg Thomas de Gendt. Hij zal vandaag de nodige punten bijeen willen sprokkelen. In het bijzonder zal hij zijn naaste belagers Rafal Majka en Daniel Navarro in de gaten houden. Tom Dumoulin en Rui Costa zijn de huidige nummers vier en vijf in dit bergklassement en moéten vandaag eigenlijk meezitten. Alleen dan lijken ze nog kans te maken op dit bijzondere tricot dat in 1975 zijn entree maakte in de Tour. Leuke quizvraag: wie was de allereerste drager van de bolletjestrui? (antwoord onderaan deze blog).

Bolletjestrui

Maandag begint de Tourkaravaan aan een uitstapje naar Zwitserland. De finishstreep is getrokken in de hoofdstad Bern, na een etappe zonder significante hellingen. Het lijkt een ideale rit voor een massasprint, maar op zijn minst één renner in het peloton zal daar anders over denken: Fabian Cancellara. Deze Zwitser, alias Spartacus, alias De Beer van Bern, komt maandag thuis in zijn geboortestad.

Cancellara

Fabian is bezig aan zijn laatste jaar als profrenner en dat is voor ons wielrenfans een treurig feit. Hij is de beste wielrenner van de jaren nul van de 21-ste eeuw. Zijn palmares past zelfs in het kleinste lettertype niet op tien A4-tjes. Hij begon zijn carrière met het winnen van tijdritten en groeide uit tot de beste klassiekerrenner van zijn generatie. Cancellara won maar liefst zeven ‘monumenten’, waaronder Milaan-San Remo, De Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix. Het peloton zal hem maandag zeker niet laten winnen. Aan de andere kant zal niemand het erg vinden als Fabian in ‘zijn’ mooie Bern als eerste over de meet komt.

Bourg-en-Bresse

Wat eten we vandaag?

De Tourkaravaan vertrekt vandaag vanuit Bourg-en-Bresse, een mooi stadje in het departement Ain waar ik meer dan eens de nacht heb doorgebracht. Bij het diner bestelde ik in deze contreien steevast de lokale specialiteit: de fameuze Poulet de Bresse (Bresse kip) voorzien van het Label Rouge, het keurmerk voor excellent gevogelte.

Wat drinken we erbij?

We zijn in het Jura-gebergte vandaag en hier hebben ze iets bijzonders: vin jaune, gele wijn – ook wel vin de paille of strowijn genoemd. De wijndruiven worden pas laat geoogst, nooit voor oktober. Zoals elke droge witte wijn wordt het vervolgens gegist zodat er geen restsuiker overblijft. Na een rijping van minimaal zes jaar op houten vaten, blijft er door verdamping van elke liter wijn maar 0,63 liter over. En laat dat nou precies overeenkomen met de hoeveelheid wijn die in de typerende fles voor de vin jaune uit de Jura past: de Clavelin.

Poulet de Bresse et Vin Jaune

Santé, et à bien tôt!

Robert Dousi

Twitter @robertdousi

Antwoord quizvraag “bolletjestrui”:

De 1e renner die ooit de bolletjestrui droeg, was Joop Zoetemelk in 1975.

De 1e eindwinnaar was de Belg Lucien Van Impe in hetzelfde jaar.

Dwars door Frankrijk

De kop van de 103e Tour de France is eraf. Het openingsweekend leverde twee schitterende winnaars op: Mark Cavendish op Utah Beach en Peter Sagan in Cherbourg. Allebei mochten ze ook hun eerste gele trui aantrekken, bijzonder.

Vandaag was ik er zeker van dat een oosterbuur in Angers de massasprint zou winnen. De Duitse krachtpatsers Greipel en Kittel hadden zaterdag achter het net gevist en vandaag moest en zou het dus wel gebeuren. Maar hun knechten van Lotto-Soudal en Etixx-QuickStep zagen hun noeste arbeid weer niet beloond. Met minder dan een banddikte verschil, was het wederom de kleine Brit Mark Cavendish die er in zijn groene pak met de etappe vandoor ging. Een enorme stunt, wat mij betreft.

Cavendish

Zo zie je maar hoe belangrijk het is voor een sprinter om in een grote ronde direct een rit winnen. Het neemt alle druk weg bij de frontman zelf, maar ook bij de rest van de ploeg en de hele begeleiding. Het kan niet anders dan dat zijn ploeg Dimension Data nog meer etappes gaat winnen deze Tour. Zo werkt dat nou eenmaal, de eerste klap is een daalder waard. Of zoals de Britten zelf zeggen: the first blow is half the battle.

We weten nog niet wie de Tour gaat winnen, maar dat de Alberto Contador het in 2016 níet wordt, staat zo goed als vast. Hij viel al twee keer en hoewel hij een enorme vechter is, is het maar de vraag of hij de toppers kan volgen als er bergen op het menu komen. Ergste van alles is nog dat hij door zijn kwetsuren niet goed kan slapen, en zoals Joop Zoetemelk ooit terecht zei: de Tour win je in bed. Ik heb oprecht met de Spanjaard te doen; het zou een enorm gemis zijn als we dit jaar in bergetappes niet van zijn aanvallende stijl kunnen genieten.

Contador

In de komende dagen zet de Tourkaravaan koers richting het zuiden, dwars door de buik van Frankrijk. Morgen mogen we weer een sprint verwachten in Limoges. De renners vertrekken vanuit Saumur en maken hun borst nat voor de langste etappe van de Tour 2016: 237.5 kilometer. Dat is overigens kattepis vergeleken bij de afstanden die de renners een eeuw geleden moesten afleggen. In de Tour van 1920 won Firmin Lambot de langste Touretappe ooit over een afstand van 482 (!) kilometer van Les Sables d’Olonne naar Bayonne. Deze bikkel heeft overigens nog meer records op zijn naam staan: hij was de oudste Tourwinnaar ooit (36 jaar en 4 maanden) èn was de allereerste Belgische gele trui drager.

Lambot

Voor de etappe van woensdag reken ik op het nodige vuurwerk. Ik raad iedereen aan minimaal voor de radio te zitten vanaf 16.00 uur en als het kan voor een scherm. In de laatste 70 kilometer rijden de renners door het Centraal Massief en staan er vijf pittige heuvels van 2e en 3e categorie op het programma. Echt iets voor klassiekerrijders dus, maar ook de mannen van het klassement zullen ‘op de afspraak’ moeten zijn. Wij Nederlanders hebben met renners als Dumoulin, Mollema, Kelderman en Slagter een paar kansrijke mannen in het peloton. Zij hebben deze etappe van Limoges naar Le Lioran gegarandeerd aangekruist.

Etappe Limoges Le Lioran

Voor ik aan de culinaria toekom, wil ik mijn lezers graag wijzen op een leuk artikel wat ik op de website van ‘hetiskoers’ vond. De wielercode, een soort 25 geboden voor mensen die zelf (willen gaan) wielrennen, met uitwerkingen onder elke stelling. Leerzaam, maar vooral ook erg vermakelijk. Een paar quotes als teaser:

• Wie op kop rijdt, heeft altijd gelijk
• Gebruik nooit een zakdoek als je fietsend moet snuiten
• Groet nooit een renner zonder helm
• Van een vriendelijk woord is nog niemand gestorven
• Na het fietsen zal men Belgisch bier drinken

Kijk voor het hele stuk op: http://hetiskoers.nl/wielercode/

Wat eten we in deze contreien?

Limoges is deze Tour zowel finishplaats (morgen), als vertrekplaats (woensdag). Het is de hoofdstad van de voormalige Franse regio Limousin en het departement Haute-Vienne. De Limousin staat bekend om haar gelijknamige, fameuze koeienras. We gebruiken van dit edele rund niet het goedkoopste, maar wel het lekkerste deel: de Côte de Boeuf. Het prachtige vlees – gemiddeld rond de 800 gram – is een geliefd gerecht voor twee personen in bistro’s en brasseries. Wij gooien het stuk op de barbeque en zullen zeker niet vergeten het te bestrooien met fleur de sel, het fijne zeezout uit de Guérande. En ook met vers gemalen zwarte peper natuurlijk, maar die pas ná het grillen voor een optimaal resultaat.

Cote de Boeuf Limousin

Wat drinken we erbij?

De vakantie staat voor de deur, maar doordeweeks moet er nog wel gewoon gewerkt worden. We passen dus een beetje op met alcohol. Het gaat echter te ver om bij dit keizerlijke stuk vlees helemaal geen wijn te schenken. Voor èn na het eten drinken we dus extra veel water (ik heb een 6-pack Evian in huis gehaald om het vakantiegevoel vast op te wekken) maar nemen we wel één glas rood bij het eten. Omdat de renners morgen door de Loire-streek rijden, is mijn keuze gevallen op een aardig flesje uit dit gebied: Les Champizeaux Pierre Chainier AOP Bourgueil. Hij is nu in de aanbieding voor een aantrekkelijke EUR 8,45 per fles op de webwinkel wijnbeurs.nl

https://www.wijnbeurs.nl/Wijnen/Rode-wijn/Frankrijk/Les-Champizeaux-Pierre-Chainier-AOP-Bourgueil-Loire-Frankrijk::4870.html

Bourgueil

Santé  et a bien tôt, mes amis!

Robert Dousi

Twitter @robertdousi

Forza Kruijswijk!

Er zijn nog drie etappes te gaan in de Giro d ‘Italia 2016. Onze landgenoot Steven Kruijswijk staat fier aan kop in het klassement voor de roze trui. Hoewel er natuurlijk nog van alles mis kan gaan, lijkt niets hem van de spectaculaire eindzege in Turijn te kunnen afhouden. Hij blaakt van het zelfvertrouwen en is, zeker bergop, duidelijk de sterkste. Daarnaast beschikt Kruijswijk nog over zeven gedreven ploeggenoten van LottoNL-Jumbo en koestert hij een voorsprong van meer dan drie minuten op de paar overgebleven concurrenten.

Kruijswijk
De 28-jarige renner uit het Brabantse Nuenen kan de eerste Nederlandse winnaar van een grote ronde worden sinds Joop Zoetemelk, bijna 36 jaar geleden. Joop kwam destijds in zijn gele trui hand in hand met Gerrie Kneteman (met het fameuze TI-Raleigh shirt) over de finish op de Champs-Elyseés. Ik herinner me die bijzondere dag nog, het is één van mijn oudste herinneringen, niet in de laatste plaats omdat het de dag is dat ik wielerfan voor het leven ben geworden. Onderstaande foto nam mijn vader van mij op zondag 20 juli 1980, een week voor mijn zesde verjaardag.

Robert in gele trui

Vrijdag en zaterdag staan er nog twee zware bergritten op het menu. De Giro-karavaan doet één etmaal buurland Frankrijk aan. De etappe van vrijdag vertrekt nog wel vanuit Italië (Pinerolo om precies te zijn), maar eindigt op het Franse skioord Risoul. Halverwege ligt de top van de Colle dello Agnello, met 2.744 meter het dak van deze Giro, ook wel Cima Coppi genaamd. Dit markeringspunt is vernoemd naar de beroemde Italiaanse wielrenner Fausto Coppi die ruim 55 jaar na zijn dood nog springlevend is als je Italiaanse wielerfans spreekt. Op de streep in Risoul ligt een extra prijs klaar voor de winnaar van de etappe die over de Cima Coppi voert: de Trofeo Torriani, vernoemd naar de kettingrokende Vincenzo Torriani die maarliefst 45 jaar koersdirecteur van de Giro was. Onderstaand een foto van beide heren.

Coppi en Torriani

Zaterdag krijgen Esteban Chaves en Alejandro Valverde de laatste kans om de roze trui aan te vallen. Zondag wordt de Giro immers afgesloten met een ‘wandeletappe’ naar Turijn en zullen er geen verschuivingen meer zijn in het algemeen klassement. De aangeslagen Vicenzo Nibali, Rafal Majka en Ilnur Zakarin staan op vijf minuten achterstand en hebben hun zinnen op de dagzege gezet. De etappe start in het Franse Guillestre en de streep ligt 134 kilometer verderop in Sant’Anna Divinadio. Qua afstand peanuts voor profs, maar met drie cols van ca. twintig kilometer lang en 4.000 hoogtemeters een loodzware klus voor de renners die de afgelopen drie weken al 3.000 kilometer hebben gekoerst. Achtereenvolgens staan op het menu zaterdag: de Col de Vars, de Col de La Bonette en de Colle della Lombarda, met recht een heroïsch slotstuk te noemen….

Etappe start Guilliestre

Op een steenworp afstand van Guillestre, de Franse vertrekplaats van de Giro-etappe van zaterdag, waren we vorige zomer met het gezin op vakantie. Tijdens een uitstapje belandden we met vrienden in het berggehucht La Chalp, vlakbij Crevoux. ’s Winters is het hier volledig wit, maar in augustus is het vrijwel volledig groen. Na een wandeling streken we neer op het terras van restaurant La Petite Fringale, een geweldige naam voor wielrenners want het betekent: De Kleine Hongerklop. Ontzettend leuke tent, we hebben er heerlijk gezeten en maakten er deze foto’s (rechts ons dochtertje Sophie met daarnaast haar vriendinnetje Nanne).

Nanne en Sophie

Wat aten we daar?

Zware kost is in deze ruige bergstreek eerder regel dan uitzondering, zo ook in La Petite Fringale. Als een gerecht geen spek, eieren, room of kaas bevat -bij voorkeur een combinatie van de vier- moeten ze het niet in deze contreien. Marsha en ik kozen unaniem voor dezelfde gerechten: eerst een soort quiche, Tourte Montagnarde genaamd, en daarna een pastagerecht. Erg smakelijk, maar o zo machtig. Ik herinner me dat we zowel diner als ontbijt de volgende dag aan ons voorbij hebben laten gaan.

Tourte Montagnarde

Wat dronken we erbij?

Marsha had een glaasje witte wijn bij het eten: een frisse Chignin uit het gelijknamige plaatsje. Ondergetekende ging voor een biertje van de tap. Bestel in Frankrijk geen ‘bière’ (dan komen ze soms met een flesje aanzetten) maar een pression, formaat ‘demi’. Wie een galapin bestelt, krijgt een  biertje in een groot formaat wijnglas geschonken. En voor wie dorst als een paard heeft, biedt een distingué uitkomst: een hele liter. Dat laatste werd me te gortig, ik moest terug nog de berg af met het gezin in de auto, dus ik hield het bij een tussenmaatje – gevuld met het plaatselijk gebrouwen Saint Omer. Hier zit ik (aug 2015) en over 10 weken zijn we er weer. Nu al zin in!

La Petite Fringale en een Pression

Forza Kruijswijk, ciao tutti!

Robert Dousi

@robertdousi

 

Franche-Comté en Rhône-Alpes

Vandaag is een rustdag in de Tour. Net als de renners ben ik er daar wel aan toe na het vuurwerk in de Vogezen. Wie de Tour de France 2014 gaat winnen, weten we nog niet. Wel staat vast dat de twee topfavorieten, Froome en Contador, letterlijk uit de Tour zijn gevallen. Outsiders Talansky (teveel pech), Rolland (niet goed genoeg), Rodriguez (andere doelen) en Kwiatkowski (gegokt en verloren) gaan de Tour ook niet winnen. Nibali lijkt nu favoriet voor de eindzege, maar – om met Joop Zoetemelk te spreken: Parijs is nog ver.

De komende dagen rijdt het peloton richting de Alpen die komend weekend op het menu staan. De Tourkaravaan is aanbeland in het oosten van Frankrijk, in de régions Franche-Comté en Rhones-Alpes om precies te zijn. Elke Franse région valt op zijn beurt onder te verdelen in een aantal départements. Een greep uit de départements van de komende dagen: Haut-Saône, Jura, Savoie, Isère en Drôme.

Régions van Frankrijk

Zelf ben ik meerdere malen in deze contreien geweest. Mijn ouders hadden namelijk de gewoonte om (op weg naar Zuid-Frankrijk) maximaal tot Nancy over de snelweg te rijden. Vanaf daar gingen we altijd letterlijk van het geijkte pad af, en namen we vanaf daar alleen nog ‘groene of gele’ wegen. Zo komt het dat Vesoul, Epinal, Besançon, Dôle en Bourg-en-Bresse voelen als mijn achtertuin. Op veler verzoek nog maar eens de gezinsfoto’s van “De Dousi’s Tussen De Zonnebloemen En De Strobalen”. Elk jaar stónd mijn vader er op dat deze kiekjes voor het plakboek geschoten werden, vooral tot ongenoegen van mijn puberende zus.

Zonnebloemen familie Dousi

De Tourkaravaan vertrekt woensdag vanuit Besançon, de geboortestad van groot schrijver/ politicus Victor Hugo en de gebroeders Lumière, filmpioniers. Julius Caesar was al gecharmeerd van deze strategische vestingsplaats van de Galliërs die door de Romeinen ‘Vesontio’ werd genoemd. Later werd dit ‘Bisontio’ en uiteindelijk verbasterd tot ‘Bisanz’ in het Duits en ‘Besançon’ in het Frans. De plaats heeft zo’n 120.000 inwoners en is een absolute aanrader. Voor de Franse TV-helikopters is er keuze te over boven deze prachtige stad. De Citadel van Besançon en de Quai Vauban aan de rivier Doubs zullen hierbij vast niet worden overgeslagen.

Citadel van Besançon en de Quai Vauban

Met vier klimmetjes van 3e en 4e categorie in de laatste 45 kilometer, lijkt een massasprint morgen uitgesloten. Als het de kopgroep lukt uit de greep van het peloton te blijven, zou de etappe wel eens naar een Nederlander kunnen gaan. Ik heb opgeschreven voor woensdag: Sebastian Langeveld, Tom-Jelte Slagter en Tom Dumoulin. De laatste Nederlandse etappezege in de Tour (Lars Boom, vorige week) liet negen jaar op zich wachten. Laten we hopen dat er dit keer maar één week tussen zit.

Donderdag koerst het peloton van Bourg-en-Bresse naar Saint-Etienne. De Tour is hier al zo’n 20 keer gefinisht, met o.a. grootheden als Bobet, Hinault, Kelly, Zoetemelk, Herrera, Ullrich en Armstrong als etappewinnaar. Zelf herinner ik mij nog de etappezege van onze zuiderbuur Ludo Dierckxens in 1999. Bepaald niet moeders mooiste, maar een gouden kerel qua inborst. Gehuld in zijn Belgische kampioenstrui (die enorm vloekte bij de koersbroek van zijn ploeg – ook dat nog), won de noeste knecht dat jaar in Saint-Etienne. Eerlijk als hij was, bekende hij vrijwel direct daarna het gebruik van verboden middel synacthen ter bestrijding van een peesontsteking in zijn knie. Het leverde hem een half jaar schorsing op. Tant pis, dachten veel Tourvolgers – en ik was er één van.

Ludo Dierckxens

Aanstaande vrijdag vertrekt het peloton ook weer uit Saint-Etienne voor een oostwaartse rit van 198 kilometer in de richting van Grenoble. In de finale ligt er een lastige, onregelmatige klim van 1e categorie: de Col de Palaquit. Aansluitend staat de eerste Col van ‘Hors Categorie’ (HC) op de agenda. Deze slotklim op de Montée de Chamrousse is meer dan 18 kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,3%. De echt steile stukken van meer dan 10% zitten in de eerste helft van de klim. Ik heb besloten dat onze landgenoot Bauke Mollema deze etappe gaat winnen door er op 6 kilometer van de top solo vandoor te gaan, daarbij de laatste vluchters op de valreep achterhalend. Waarvan acte graag!

Montée de Chamrousse

Wat eten we in aanloop naar de Alpen? Bresse-kip.

Donderdag vertrekken we uit Bourg-en-Bresse, in de streek die bekend staat om het gelijknamige volaille. Ik citeer uit mijn geliefde boek CULINARIA: “Het edelste gevogelte uit Frankrijk heeft de nationale kleuren: de kippen uit Bresse komen aantrippelen op blauwe poten, zijn gehuld in stralend witte veren en hebben een vuurrode kam. En ze nemen het ervan. Ze paraderen eigenwijs over malse groene weiden en pikken naar hartenlust”.

Het Franse parlement besloot de Bresse-kip in 1957 als enige soort pluimvee te onderscheiden met een Appellation d’Origine Contrôlée (AOC), die we normaal alleen kennen van wijnen en kazen. Voor de bereidingswijze van de ‘kip der kippen’ verwijs ik naar onderstaande link.

http://www.ah.nl/kookschrift/recept?id=122158

Poulet de Bresse - Culinaria la France

Wat drinken we erbij? Geen wit, maar rood: mijn keuze is gevallen op Château Bellevue Saint-Estèphe 2011. Hij kost ruim twee tientjes per fles, maar door de exclusieve Bresse kip zijn we toch al bijna platzak en maakt die ene fles ook niet meer uit.

Château Bellevue Saint-Estèphe 2011

A bientôt!

Robert Dousi